Highlights van het FAN-congres van 5 juli 2016 bij PwC

Highlights van het FAN-congres van 5 juli 2016 bij PwC 

Op 5 juli 2016 vond opnieuw een congres plaats voor het netwerk  van het Groene Brein rondom Financiële en Accountancy opleidingen voor de Nieuwe economie (FAN). Ditmaal werd het congres gehost door PwC.

Het ochtendprogramma werd ingevuld door een tweetal inleidingen van Frank Elderson (directeur van DNB) en Jolande Sap (toezichthouder KPMG), en twee kritische columns van Marjon van Opijnen (Nyenrode New Business School) en Marleen Janssen Groesbeek (Avans Hogeschool). De lezing van Frank Elderson en de twee columns kunt u hier vinden:

 

Tijdens het middagprogramma is de discussie geopend over wat er inmiddels als gedaan wordt binnen het financiële en accountancy onderwijs en wat op dit moment barrières zijn voor een volgende stap. In drie break-out sessies is aan de hand van Pitches van onderwijsinstelling geanimeerd gediscussieerd. Hierin stonden de volgende drie vragen centraal:

  • Welk doel wilt u bereiken door ‘de nieuwe economie’ te integreren in het onderwijs?
  • Wat zijn de meest succesvolle stappen die zijn gezet, en de belangrijkste barrières/dilemma’s die je hierin tegenkomt?
  • Wat is volgens u de belangrijkste volgende stap?

Als laatste is aan iedere deelnemer gevraag wat hij/zij morgen gaat doen. Hier kwamen inspirerende actiepunten uit.

De belangrijkste bevindingen van de gehele dag zijn hieronder uiteengezet.

  1. Op abstract maatschappelijk niveau zijn tal van vraagstukken met elkaar verbonden. Hierin is de context te vinden waarbinnen het onderwijs zijn weg zoekt en studenten hun toekomst bepalen. Die vraagstukken hebben allemaal te maken met ‘sustainalizing’ en ‘stabilizing’ van de samenleving: of het nu gaat om energie, grondstoffen, ‘living wages’ of vluchtelingenvraagstukken. Op mondiaal niveau zijn de Global Goals geformuleerd; vertaling naar bedrijven is gaande, maar die vormt tevens een lange weg.
  2. De thematiek van ‘de nieuwe economie’ is daarmee verbonden en uiterst actueel en relevant voor de opleidingen. Er is veel casuïstiek beschikbaar (ook vanuit FAN/HGB zelf, zeven cases zijn in voorbereiding), veel ‘basismateriaal’ (studies van de Big 4, IIRC, integrale jaarverslagen van bv ING en ABN Amro), goede aansluiting bij ontwikkelingen in het onderwijs (koppeling van onderwijs aan onderzoek en beroepspraktijk, OOB), veel beweging bij alle opleidingen om te innoveren.
  3. De nieuwe economie is geen kwestie van ‘of’, maar van ‘hoe’. Daar gingen zowel Frank Elderson als Jolande Sap op in. Zij gaven een beeld van risico’s als gevolg van bv klimaatverandering of de impact van grondstoffenschaarsten en hoe hiermee in businessmodellen mee om te gaan. Maar ook van innovatie als manier om hier meer en/of nieuwe business van te maken. Hun vraag is: hoe gaan financials en accountants hiermee om in hun dagelijks werk. Wat voor opleidingen zijn daarvoor nodig.
  4. In de gesproken columns van Marleen Janssen Groesbeek en Marjon van Opijnen ging het om het verbinden van ‘context’ (het maatschappelijke) met ‘competenties’ (het persoonlijke) in de opleidingen. Het uitvoeren van onderzoek door studenten kan een dergelijke verbinding tot stand brengen. De opleidingen kunnen daarbij nog nadrukkelijker aansluiting zoeken bij de praktijk van het bedrijfsleven. In het voordeel van beide.
  5. De kwestie of de innovatie (gericht op ‘de financials en accountants van de toekomst’) gezocht moet worden in de ontwikkeling van content of competenties lijkt beslecht doordat nogal wat opleidingen op zoek zijn naar bredere opleidings’eenheden’. Daarin leren studenten meer vanuit de praktijk en doen aldus competenties op (en vice versa: doordat ze onderzoek uitvoeren, doen ze meteen een boel content op). Ook blijkt dat actieve inzet van studenten in onderzoek veel nieuwe input oplevert voor de opleidingen.
  6. Het doel van de opleidingen is en blijft het toerusten van studenten voor een professionele toekomst. Een grote uitdaging daarbij is, hun nieuwsgierigheid aan te boren, hun kritische zin te ontwikkelen, hen zicht te geven op hun betekenis voor de samenleving; hen niet de gelegenheid geven onderuit te hangen. In de opleiding komen de context (punt 1) en hun individuele competenties samen. ‘Hoe verhoud jij je tot de wereld’ is een kernvraag.
  7. Elke opleiding zoekt zijn eigen weg, zelfs wanneer, zoals in de accountancy, de inhoudelijke richting strak bepaald is via de CEA. Ook is er een flink verschil tussen opleidingen die top-down werken (het beleid van de instelling, waarna invulling binnen de opleidingsrichtingen) en/of bottom-up (docenten experimenteren en vernieuwen, waarna het beleid zich daarbij aanpast). Van beide ‘soorten’ zijn voorbeelden te vinden in de groep opleidingen die bij FAN aangesloten zijn.
  8. Een grote uitdaging bestaat in het gegeven, dat nogal wat docenten ‘handelings-verlegen’ zijn en te gemakkelijk bij hun bestaande content en wijze van lesgeven blijven. Dit is niet alleen een kwestie van na- en bijscholing. Echter, door hen een actieve rol te geven in het definiëren van onderwijs- en onderzoeksagenda’s voor de komende jaren, kan verandering tot stand komen. Ook interdisciplinair werken kan bijdragen aan een beter passende houding van docenten.
  9. Gegeven de diversiteit tussen opleidingen enerzijds, maar gelijksoortige uitdagingen anderzijds, is uitwisseling van ervaringen belangrijk. Opleidingen zijn bereid deze te delen omdat ze daar zelf alle belang bij hebben. Vandaar de roep van de opleidingen om door te gaan met het FAN-netwerk. De uitwisseling van contacten, ervaringen en documenten kan intensiever door vorming van een LinkedIngroep: HGB zet deze op. Een eerstvolgende meeting kan dit najaar of komend voorjaar plaatsvinden bij Avans.
  10. Ook doet HGB een poging het netwerk te verbreden door aansluiting te zoeken bij post-initiële opleidingen en permanente educatie. Daarover bestaan contacten met DNB en ABP in het kader van het door DNB gevormde Platform Duurzame Financiering. De bijdrage van Frank Elderson gaf wat dit betreft goede hoop, gezien zijn uitlatingen over de relevantie van onderwijs bij het realiseren van een duurzame financiële sector en dito rollen voor de accountants. Ook de NBA zal zien hierbij aan te sluiten.

 

Share on FacebookShare on LinkedInTweet about this on Twitter